Straat Opvoeding

In de Amsterdamse Pijp groeide ik op bij vrienden. Ik leefde bij mijn oom, maar hij had geen grip op mij. Ik deed wat ik wil en niemand kon mij wat zeggen. Een vriend had een zolderkamer, waar we bij elkaar kwamen met andere 3 vrienden. Een vaste vriendengroep van 4 man waar we alles bespraken en wiet rookten. We gingen dan vragen of er leuke opdrachtjes zijn en wie dat dan ging uitvoeren. Soms hadden we tot wel 50 gram wiet in zakken die we rookten. Het was immers moeilijk om als 12/13 jarige wiet te regelen. Het was een dagelijkse taak dat we op de hoek moesten staan van een coffeeshop en actief mensen gingen vragen om voor ons wiet te kopen. De andere moest dan een pakje vol sigaretten bietsen.
Elke dag rouleerde dat en zo had iedereen zijn dagelijkse taak waaraan hij zich moest houden. Een soort takenlijst. Ik was altijd wel de pineut en moest soms alles tegelijk doen. Er waren een paar coffeeshops waar ik mee kreeg. Ik moest soms wel 50x per dag halen. Soms waren het jongens van scholen waar ik dan vaak rondhing. Geruchten gingen rond dat ik wiet kon halen, en dat deed ik ook. Soms zaten ze met een groepje van 16 jongens en meiden op mij te wachten. Ik was best groot voor mijn leeftijd en had al een zware stem. En wiet halen was dan nooit een probleem. Elke avond zaten we dan in het zolderkamer wiet te roken en drank te drinken. En rapmuziek natuurlijk. De rapteksten klonken voor mij passen en ik leefde helemaal mee.

In de middag gingen we dan de stad in en ontdekten we nieuwe blowplekken. We gingen hotels in en uit, op zoek naar crackers en zoete beleg uit vergader ruimtes of andere dingen waar we geld mee konden verdienen. Zo kwamen we soms erachter dat sommige hotels een zwembad en een sauna hebben en daar gingen we dan soms heen met 30 man. Lekker gratis zwemmen midden in de stad.
Of we gingen “winkelen”. Winkelen bedoel ik dan dat we winkels in en uit liepen om spullen te jatten. Blokker, Bijenkorf, Etos, Kruidvat, Kijkshop, Bart Smit, Intertoys en gamewinkels.
We begonnen dan aan het begin van Kalverstraat, maakten een tussenstop in de Bijenkorf, we keken wat ons winst was, en gingen door tot aan Nieuwendijk.
Een vriend zijn oom had een winkeltje daar ergens in de stad, die kocht alle soorten spelletjes en computergames in van ons. “No questions ask”. Zo bekostigden wij onze wiet en onze eten. Soms kregen we weleens speciale opdrachten. Zoals het stelen van een spelcomputer uit een Free Record Shop, of een bestuurbare auto serie van Intertoys, of grote dingen uit Bart Smit of Media Markt. Mensen konden bij ons voor de helft van de prijs allerlei dingen kopen.
Niets was te gek.

We gingen dan langs scholen van vrienden om dit kenbaar te maken. Ik was op een gegeven moment geïnteresseerd in strippenkaarten en maandabonnementen die ik vervalste en door verkocht aan scholieren. Dit was een mooie business. Elke dag waren we dan in de stad op bankjes in de drukte aan het blowen of op tramhaltes.
Als de politie kwam renden we allemaal weg naar verschillende kanten. Ik werd altijd wel gepakt en moest telkens opgehaald worden door mijn oom of een moeder van een vriend.

Agenten geloofden mij nooit dat ik geen nummer van mijn moeder had.
Een keer tilde een agent mij op in het bijzijn van mijn vrienden en eiste dat ik de nummer van mijn moeder moest geven. Totdat hij erachter kwam hoe alles in elkaar zat. En kreeg een lekker chocolademelk van hem.
Ik vond het altijd wel klote dat ik de enige ben die als laatste opgehaald werd van het politiebureau en zag mijn vrienden één voor één weggaan. Alleen zat ik dan daar.
Als mijn oom dan kwam om mij op te halen verzon ik weer een smoes waarom ik weer op het politiebureau zat en dat het de volgende keer niet zal gebeuren.
Diezelfde dag werden we nog gepakt omdat we bij Etos een elektrische tandenborstels gingen stelen. We hadden stuk of 40 in onze tassen om deze te verkopen.
Ik kreeg een maand jeugddetentie. In mijn komende blogs zal ik over mijn tijd in de jeugddetentie vertellen.
Hierna focuste ik mij op strippenkaarten en maandabonnementen. Ik was Herman van de Postbank!
Ik zag dit als een waterdichte business en begon mijzelf hierop te focussen. Ik wou zonekaartjes doorverkopen op stations. Weetje wel die voor 1.60 toentertijd. Wat ik niet wist is dat ze gestempeld moesten zijn voordat ze geldig zijn.
Iemand van ons groepje kende iemand die werkte bij het GVB en regelden voor paar honderd euro een stempelmachine, waarmee we iedere datum erop konden stempelen. En zo hadden we meer opties qua verkoop van strippenkaarten en konden alles manipuleren.
Ik werd gierig en ging buiten iedereen om op stations verkopen en werd zo gepakt met een forse pak stapels met kaarten. Ik moest verklaren waar ik dat heb gehad en ik verklaarde dat ik het in een Aldi tas op een pleintje had gevonden. En dat was ook het enige wat ik verklaarde en ik beriep mij verder op mijn zwijgrecht en werd enkele uren later door mijn oom opgehaald.
Ik mocht van mijn oom niet meer naar buiten en hij sloot me op. Ik pikte dit niet en pakte een rugtas vol met beetje kleding en vluchtte uit de raam naar mijn vrienden naar de zolderruimte en ik zei dat ik gevlucht was.
Onze basis afspreek plek was de Sarphatipark, hier blowden wij ook bijna altijd als we in de buurt waren, of in de stad bij drukke plekken. Tramhaltes en bloemenmarkt was onze vaste plekken in de stad.

In mijn volgende blogs ga ik verder met “Straat Opvoeding”

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

Deze site gebruikt Akismet om spam te bestrijden. Ontdek hoe de data van je reactie verwerkt wordt.